Het verhaal van Marleen

paardenstaart

Marleen was 13 toen ze haar moeder verloor. Dit is alweer een tijdje geleden en hopelijk gaat men nu niet meer zo om met kinderen en pubers die rouwen. Maar het verhaal van Marleen laat zien dat je, ook als alles om je heen lijkt in te storten, toch je weg kunt vinden.

Twee dagen voor mijn 13e verjaardag pleegde mijn moeder zelfmoord. Mijn leven zou nooit meer hetzelfde zijn, deze gebeurtenis veranderde alles.
In die tijd was het een schande als iemand zich het leven benam en dus werd over alles gezwegen. Bovendien werd ik als kind overal buiten gehouden. Dat ging wel zo ver dat ik zelfs geen afscheid heb kunnen nemen van haar en ik mocht ook niet mee naar de begrafenis.
Toen ging het leven door alsof er niks was gebeurd. Ik als oudste bleef bij mijn vader achter, mijn zusjes werden meegenomen door tantes. Later kwamen een tante en een oma kwamen bij ons inwonen. En er werd niet meer over mijn moeder gesproken.

Een paar jaar later kwam ik een jongen tegen, ik werd verliefd en raakte zwanger. Ik moest trouwen, zo ging dat toen, in 1983. De dag na mijn trouwen stierf mijn grootmoeder.
Mijn oudste zoon werd geboren en een paar jaar later mijn jongste zoon. Nog weer een paar jaar daarna viel ik bij iemand, bij wie ik werkte in de kelder, en ik moest naar het ziekenhuis.
Pas daar was het, in alle rust, dat alle emoties van de jaren ervoor eruit kwamen. Mijn huwelijk liep al langer niet goed, maar ik besefte dat ikzelf hulp nodig had en schreef een brief aan de dokter. Bij een centrum voor geestelijke gezondheidszorg werden me antidepressiva voorgeschreven en dat was het dan.
In 2000 heb ik me vrijwillig laten opnemen in een kliniek, in de hoop daar met mijn oude verdriet te leren omgaan. Dat lukte een beetje en ik pakte mijn leven weer op.
Maar toen ik een jaar later voor een galoperatie naar het ziekenhuis moest, ging mijn tante dood, degene die mij als kind had opgevangen. En ik merkte dat ik niet meer naar buiten durfde. Ik kon daardoor zelfs niet naar de begrafenis.
Opnieuw liet ik me opnemen.
Toen weer een paar jaar later mijn vader overleed, kon ik niet huilen. Vroeger had ik gezegd dat ik geen traan zou laten als hij stierf, want ik gaf hem de schuld van de dood van mijn moeder, maar inmiddels wist ik wel beter.
Ik heb hard gewerkt in de therapieën die ik aangeboden kreeg, ik heb heel hard gewerkt om al dat verlies op jonge leeftijd te verwerken. En langzaamaan raakte ik in een zekere balans.
En toen ging mijn zwager dood. Toevallig in mijn bijzijn. En toevallig net toen ik zelf schildklierkanker bleek te hebben.

Op 14 februari 2006, Valentijnsdag, ging ik dan echt met ontslag en daarna kon ik verder gaan met herstellen.
Ik ben vrijwilligerswerk gaan doen en ik ben door gaan leren, want ook dat had allemaal in de verdrukking gezeten.
Op les leerde ik iemand kennen die me vertelde over familie-opstellingen. Ik had daar nog nooit van gehoord, maar besloot ook deze kans aan te grijpen om meer grip te krijgen op mijn eigen verleden.
Dus ik deed mee, met een kleine opstelling. En was toen zo ontzettend van de kaart dat drie mensen me kwamen troosten. Hun steun maakte dat ik het opnieuw aandurfde en nog eens en nog eens. En al doende heb ik veel geleerd over de familiebanden van vroeger en over wat het betekent om bewust te leven, in plaats van op de automatische piloot.
Ik ben daardoor uit de slachtofferrol gekomen, heb geleerd verantwoordelijkheid te nemen voor mijn eigen leven, ben nieuwe keuzes gaan maken. En daar ben ik trots op.

Daardoor durfde ik het ook aan om zwemlessen te gaan nemen. Voordat ik begon, schreef ik in een brief aan de zwemleraar wat er met mijn moeder was gebeurd. Daardoor was hij extra geduldig en behulpzaam, net zoals er andere mensen waren die me aanmoedigden. Ik heb er mooie vriendschappen aan overgehouden en ik behaalde mijn brevet voor 25 meter, wat voor mij ook alweer een overwinning was.

Toen in 2010 mijn lieve meter stierf, kon ik van haar gewoon  afscheid nemen. Het eerste wat ik deed toen ik haar daar zo zag liggen, was kijken of ze nog ademde. Heel raar vond ik dat. Maar ik durfde het aan en ik kon het ook aan.

In 2011 ben ik voor de eerste keer naar de Dag van de Nabestaanden van Werkgroep Verder geweest. Daar heb ik een ballon opgelaten met een kaartje eraan, waarop ik had geschreven: ik mis je nog elke dag, maar ik vergeef je om wat je hebt gedaan.
Dat gaf me zo’n bevrijdend gevoel.
Die dag was ook Manu Keirse aanwezig. Door zijn voordracht ben ik mijn moeders dood beginnen te verwerken zoals het hoort, daar ik het op 13 jarige leeftijd niet kon en mocht.
Ik heb toen ook een brief naar mijn moeder geschreven. En een paar maanden nadien nog eentje. Daarna heb ik beide brieven verbrand en in de Durme gegooid.
Dat was zo een openbaring.

In 2013 en 2014 bezocht ik opnieuw naar de Dag van de Nabestaanden, omdat ik me daar veilig en geborgen voel.
In diezelfde tijd leerde ik iemand kennen.
We hadden samen onze ups en downs. Ik denk dat ik één van de weinigen was die hij vertrouwde en met wie hij zijn narigheid kon delen.
We waren nog maar kort samen toen hij onverwachts een einde aan zijn leven maakte. Ik kende hem nog maar vijf maanden, maar toch was het een grote schok en deed het veel pijn en weer stortte mijn hele wereld in.
Deze keer stond ik er niet alleen voor. Ik kreeg van overal steun. Vooral in de eerste maanden natuurlijk, want daarna gaat het leven voor iedereen verder, terwijl mijn wereld nog steeds weer even stil stond.

Opeens leek ik weer terug bij af. Ik liet me opnieuw opnemen, want ik had rust nodig, vooral in mijn hoofd.
Ik ben veel gaan uitzoeken, gaan uitvinden over mezelf. Want het laatst wat ik wil is opnieuw in die slachtofferrol terechtkomen. Daarvoor had ik al teveel werk verzet.
Ik besefte dat ik op mijn moeder lijk, want dat ook ik mensen help waar ik kan. Maar met mijn kwetsbaarheid en met alles wat ik heb meegemaakt, moet ik niet langer vrijwilligerswerk doen waarbij ik in contact kom mensen die zwaar in de problemen zitten. Dat trek ik me veel teveel aan.
Wat ik wel kan doen, is met mijn verhaal zoveel mogelijk naar buiten komen. Om te laten zien dat het anders kan. Dat je dit soort trauma’s kunt overleven, ook al is er niet goed met je omgegaan.

Ik begrijp de keuze van mijn moeder en mijn vriend, maar ikzelf zal die weg niet gaan. Ik geef niet op, mede door de steun van een paar echt goede vrienden, waarvoor ik enorm dankbaar ben.
Ik ben fier op mezelf.

 

 

9 Reacties

  1. Masé Sutterland

    Wauw Marleen,
    Wat een veerkracht! Ik maak een diepe buiging voor u en het werk dat u hebt gedaan.

    Antwoord
  2. Marleen Wauters

    Dank u wel

    Antwoord
  3. Nicole

    Hé Marleen
    wat knap ,duidelijk en heel mooi geschreven ook al is het iets verschrikkelijk om mee te maken.
    weet dat je er niet alleen voorstaat, wij wepers zijn er voor elkaar.
    groetjes
    Nicole

    Antwoord
    • Marleen wauters

      Zeker en vast dat we er voor elkaar zijn en dat vind ik fijn te weten dat je er niet alleen voor staat

      Antwoord
  4. Gerda Celis

    Dag Marleen.Heel moedig van jou om dit levensverhaal neer te schrijven niettegenstaande al je verdriet
    en pijn.Ik hoop dat het jou ook energie en kracht heeft gegeven en dat dit ook andere mensen mogen ervaren.Dank je wel voor je verhaal en sterk van jou om toch steeds terug op te staan.Je mag heel fier zijn op jezelf.
    Lieve groetjes
    Gerda

    Antwoord
  5. Marleen Wauters

    dank u wel iedereen voor die mooie woorden het doet mij heel veel deugd

    Antwoord
  6. Chris

    Marleen, mijn nichtje, wat een prachtig verhaal heb je hier verteld, ik ben echt trots op je, hoewel jouw leven heel moeilijk is geweest, maar je bent een sterke vrouw, en met vallen en opstaan blijf je doorgaan. Respect ! Dikke knuffel

    Antwoord
    • Marleen wauters

      Dank u wel nichtje dikke knuffel terug

      Antwoord
  7. suzanne

    dank u wel om je verhaal te delen marleen jij bent een sterke vrouw ga ervoor veel liefs dikke knuffel

    Antwoord

Een reactie versturen

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Vijf en Marie

Het verhaal van Marie

Ik vind het niet zo leuk om 20 te zijn. Voor het eerst dat ik niet super hyped ben over mijn verjaardag. Nu ben ik net zo oud als Bas. Dat klopt niet.
En net zo oud, dat kan nog. Maar over een maand ben ik ouder dan mijn grote broer en dat is niet oké.

Vijf en Marie

Het verhaal van Vijf

Ik heb helemaal geen leuke herinneringen meer, alle herinneringen aan mijn jeugd voelen shitty. Ik bedoel daarmee dat het ongrijpbaar is. Herinneringen aan fijne gebeurtenissen zijn rot, herinneringen aan nare dingen zijn zo mogelijk nog rotter.

Pin It on Pinterest